Bessenstruiken planten: zo geniet je van een rijke oogst

Bessenstruiken zijn een heerlijke aanwinst voor de tuin. Ze nemen relatief weinig plaats in, geven vaak jarenlang vruchten en trekken tijdens de bloei nuttige insecten aan. Met de juiste standplaats en een goede start groeien aalbessen, kruisbessen, zwarte bessen en frambozen uit tot sterke, productieve planten.

Wanneer plant je bessenstruiken?

Struiken met blote wortels plant je het best in de herfst of in de winter, zolang de grond niet bevroren of kletsnat is. Zo kunnen de wortels zich al vestigen voor de lente. Bessenstruiken in pot kunnen meestal het hele jaar door de grond in, behalve tijdens vorst, extreme hitte of langdurige droogte. De herfst is ook voor planten in pot een gunstige periode.

Kies een geschikte standplaats

De meeste bessenstruiken groeien goed op een zonnige plek. Een beetje halfschaduw kan ook, al zijn de vruchten vaak zoeter en rijpen ze beter op een zonnige standplaats. Kies bij voorkeur een beschutte plek waar koude wind de bloesems niet beschadigt.

De bodem moet voedzaam zijn en water goed doorlaten. Bessenstruiken houden niet van grond die voortdurend nat blijft. Werk vóór het planten wat rijpe compost in de bodem. Vermijd verse mest: die kan de wortels beschadigen.

Zo plant je een bessenstruik

  1. Maak de grond klaar. Verwijder onkruid en maak de bodem los. Meng er wat compost door.
  2. Maak de wortels vochtig. Zet een struik met blote wortels enkele uren in een emmer water. Dompel een plant in pot onder tot de wortelkluit goed vochtig is.
  3. Graaf een ruim plantgat. Het gat moet breed genoeg zijn om de wortels zonder knikken te spreiden.
  4. Plant op de juiste diepte. Zet de struik ongeveer even diep als hij in de pot stond. Plant frambozen doorgaans niet dieper dan de grondmarkering op de stengel.
  5. Vul het plantgat aan. Druk de aarde voorzichtig aan, zodat de wortels goed contact maken met de grond.
  6. Geef ruim water. Zo sluit de aarde aan rond de wortels. Geef ook water wanneer het na het planten een tijd droog blijft.

Houd voldoende afstand

De juiste plantafstand hangt af van de soort en de groeivorm. Als algemene richtlijn hebben aalbessen en kruisbessen ongeveer 1 tot 1,5 meter ruimte nodig. Zwarte bessen mogen vaak iets ruimer staan. Frambozen plant je in rijen, met voldoende plaats tussen de rijen om te kunnen plukken en snoeien. Controleer bij aankoop de aanbevolen afstand voor het ras dat je kiest.

Elke soort vraagt een eigen aanpak

  • Aalbessen: rode en witte aalbessen groeien als struik of op een stammetje. Ze dragen vruchten aan ouder hout en vragen daarom een regelmatige, maar gematigde snoei.
  • Zwarte bessen: deze struiken dragen vooral goed op jonge, krachtige takken. Verwijder na de oogst een deel van het oudste hout, zodat nieuwe scheuten ruimte krijgen.
  • Kruisbessen: zet ze op een luchtige plek. Dat helpt om problemen met schimmel te beperken. Draag bij het snoeien handschoenen: de takken kunnen stekels hebben.
  • Frambozen: zomerframbozen en herfstframbozen worden op een andere manier gesnoeid. Zoek daarom vooraf uit welk type je hebt. Lange scheuten kunnen steun nodig hebben.

Verzorging na het planten

Houd de grond rond jonge struiken het eerste groeiseizoen licht vochtig, maar niet doorweekt. Geef bij droog weer liever af en toe royaal water dan elke dag een klein beetje. Een laag compost of ander organisch mulchmateriaal helpt de bodem vochtig te houden en remt onkruid. Laat de mulch wel vrij van de voet van de struik.

Controleer regelmatig op onkruid en haal het voorzichtig weg, zodat je de wortels niet beschadigt. Geef niet te veel stikstofrijke mest: daardoor kan de struik veel blad en lange scheuten maken, maar minder vruchten dragen.

Geduld loont

Een nieuwe struik heeft tijd nodig om zich te vestigen. De eerste oogst kan bescheiden zijn; vanaf het tweede of derde jaar wordt de opbrengst vaak groter. Met voldoende licht, water en een snoeibeurt op het juiste moment bouw je aan gezonde struiken die jarenlang verse bessen leveren.

Plant verschillende soorten en spreid de oogst over het seizoen. Zo kan je in de zomermaanden genieten van bessen voor op het ontbijt, in gebak of rechtstreeks uit de tuin.

 

Veelgestelde Vragen over het Planten van Bessenstruiken in België

  1. Wanneer is de beste tijd om rode bessenstruiken te planten?
  2. Hoe ver moeten bessenstruiken van elkaar staan?
  3. Hoe ver bessenstruiken uit elkaar planten?
  4. Wat is de beste maand om te planten?
  5. Waar bessenstruiken planten?
  6. Wat is de beste tijd om bessenstruiken te planten?
  7. Hoe plant je een Bessenstruik?

Wanneer is de beste tijd om rode bessenstruiken te planten?

De beste tijd om rode bessenstruiken te planten is in het najaar, van oktober tot december, zolang de grond niet bevroren of erg nat is. De struik kan dan tijdens de winter rustig wortels vormen en in het voorjaar vlot beginnen groeien. Rode bessenstruiken in pot kan je ook in het voorjaar planten; geef ze daarna voldoende water, zeker bij droog weer.

Hoe ver moeten bessenstruiken van elkaar staan?

De plantafstand hangt af van de soort en de groeivorm. Als richtlijn plant je aalbessen en kruisbessen ongeveer 1 tot 1,5 meter uit elkaar. Zwarte bessen hebben vaak wat meer ruimte nodig, terwijl frambozen meestal in rijen worden geplant. Volg bij voorkeur de aanbevolen afstand op het etiket: zo krijgen de struiken voldoende licht en lucht, en kan je er makkelijk bij om te snoeien en te plukken.

Hoe ver bessenstruiken uit elkaar planten?

De plantafstand hangt af van de soort en de groeivorm. Reken voor rode en witte aalbessen en kruisbessen op ongeveer 1 tot 1,5 meter tussen de struiken; zwarte bessen hebben doorgaans 1,5 tot 2 meter ruimte nodig. Frambozen plant je meestal 40 à 50 cm uit elkaar in de rij, met ongeveer 1,5 tot 2 meter tussen de rijen. Zo krijgen de struiken voldoende licht en lucht en kan je ze makkelijk snoeien en oogsten.

Wat is de beste maand om te planten?

De beste periode om bessenstruiken te planten is het najaar, bij voorkeur van oktober tot en met november. De bodem is dan meestal nog warm en vochtig, zodat de wortels zich vóór de lente kunnen vestigen. Plant niet wanneer het vriest of de grond erg nat is. Bessenstruiken in pot kan je ook op andere momenten planten, zolang het niet vriest, extreem warm is of langdurig droog blijft.

Waar bessenstruiken planten?

Plant bessenstruiken op een zonnige, beschutte plek voor de zoetste vruchten; halfschaduw kan ook, maar de oogst rijpt er vaak wat minder goed. Kies een voedzame, goed doorlatende bodem die vochtig blijft zonder waterziek te worden, en meng vóór het planten wat rijpe compost door de grond. Vermijd plekken waar koude wind de bloesems kan beschadigen en geef de struiken voldoende ruimte om te groeien en luchtig te blijven.

Wat is de beste tijd om bessenstruiken te planten?

De beste periode om bessenstruiken te planten is het najaar, van oktober tot december, zolang de grond niet bevroren of erg nat is. De struiken kunnen dan vóór het voorjaar wortels vormen en zich goed vestigen. Bessenstruiken in pot kan je ook in het voorjaar planten, maar vermijd vorst, extreme hitte en droge periodes. Geef na het planten royaal water.

Hoe plant je een Bessenstruik?

Plant een bessenstruik bij voorkeur in de herfst of het vroege voorjaar, wanneer het niet vriest en de grond niet te nat is. Kies een zonnige tot halfschaduwrijke plek met goed doorlatende, voedzame grond en meng eventueel wat compost door de bodem. Maak een ruim plantgat, spreid de wortels voorzichtig uit en zet de struik op dezelfde diepte als in de pot. Vul het gat met aarde, druk die licht aan en geef royaal water. Houd voldoende afstand tot andere struiken en geef de plant tijdens droge periodes extra water terwijl hij zich vestigt.

Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Time limit exceeded. Please complete the captcha once again.